Je hebt bij Ambacht voor het project Iconisch Rotterdam foto's gemaakt van je icoon. Deze les ga je foto's uitkiezen en bewerken, zodat je deze later kunt plaatsen in het aangeleverde template. Je gaat de foto's bewerken met de 'adjustment layers' en je gaat de foto's 'retoucheren'. Je maakt kennis met 'Artificiële Intelligentie (AI)' in Photoshop door gebruik te maken van de "Neural Filters" en de "Generative fill".
Je werkt voor dit project in groepsverband maar deze opdracht voert iedereen individueel uit op basis van zijn icoon.
Dit is de planning voor Digitaal voor deze studio opdracht.
Selecteer de huidige week en je vindt hier alles wat je nodig hebt voor de opdracht.
Week 1
Pen tool
Week 2
Foto's icoon bewerken (PS)
Week 3 + 4
Spread vullen
Leerdoelen
je leert adjustment layers gebruiken
je leert foto’s bewerken (retoucheren)
je leert hoe je 'AI' in Photoshop kunt inzetten om je foto's te bewerken; 'Neural Filters' en 'Generative Expand'.
Materialen/Benodigdheden
Apple/Windows computer
Adobe Photoshop
One Drive + Externe harde schijf
Als je een laptop gebruikt heb je daarop de Engelstalige versie van Adobe Creative Cloud.
https://www.youtube.com/watch?v=Giy8yF-efik&t=19s
Werkvorm
De theorie wordt door je docent klassikaal uitgelegd.
Je gaat deze opdracht individueel uitvoeren.
Theorie
Wat is Photoshop?
Photoshop is een softwareprogramma dat wordt gebruikt voor het bewerken van afbeeldingen, grafisch ontwerp, digitale kunst, webdesign en meer. Het heeft ontzettend veel functies zoals lagen, aanpassingslagen, maskers, filters, geavanceerde tekengereedschappen en meer.
Je kunt Photoshop gebruiken voor eenvoudige fotobewerking tot een complex digitaal kunstwerk en grafisch ontwerp.
Wat is CMYK en RGB?
CMYK staat voor Cyan, Magenta, Yellow en Key (Black). Deze kleurmodus wordt voornamelijk gebruikt voor drukwerk en printwerk, zoals tijdschriften, posters en flyers. In CMYK worden kleuren gemaakt door verschillende percentages van deze vier kleuren te combineren. Het is vergelijkbaar met het mengen van verf.
RGB staat voor Rood, Groen en Blauw. Deze kleurmodus wordt gebruikt voor digitale schermen, zoals die van computers, televisies en smartphones. In RGB worden kleuren gemaakt door verschillende hoeveelheden rood, groen en blauw licht te combineren. Het is als het mengen van licht.
Het belangrijkste verschil tussen de twee is dus waar ze worden gebruikt: CMYK voor drukwerk/printwerk en RGB voor digitaal scherm.
Wat is het verschil tussen 72 ppi, 150 ppi en 300 ppi en waar gebruik je het voor?
In Photoshop kun je beelden omzetten in de juiste pixels per inch. Meestal krijg je beelden aangeleverd die ingesteld staan op 72 ppi. Deze hebben voldoende pixeldichtheid (scherpt) voor het web, maar niet voor print of drukwerk. Voor print is een pixeldichtheid van 150 ppi vereist en voor drukwerk is een pixeldichtheid van 300 ppi vereist. Jij weet of je ontwerp voor het web, print of drukwerk wordt ontworpen, afhankelijk daarvan wijzig je de pixeldichtheid via; Image > Image size. LET OP: Voordat je de ppi’s wijzigt moet je ‘Resample’ UIT vinken.
Wanneer je de pixeldichtheid van 72 ppi naar 150 of 300 ppi verandert zal het formaat van de foto kleiner worden, waardoor de pixels dichter op elkaar komen te zitten. Met als resultaat dat je beeld voldoende scherp wordt.
Bovengenoemde stappen zijn nodig om een scherp beeld te krijgen op papier. Heel belangrijk om te weten: Voordat je beelden in InDesign plaatst, moet je dus eerst bovenstaande instructie opvolgen om je beelden om te zetten naar de juiste ppi’s.
Opdracht
Je hebt bij Ambacht voor het project Iconisch Rotterdam foto's gemaakt van je icoon. Deze les ga je foto's uitkiezen, voorbereiden en bewerken, zodat je deze later kunt plaatsen in het aangeleverde template (zie template). Als je aan een ontwerp begint weet je meestal voor welk doel je het maakt, namelijk drukwerk of voor het web. Bij deze opdracht gaan jullie een folder maken met als doel om deze te printen.
Je hebt 2x een liggende foto nodig en eventueel 1x een portretfoto van iemand die je geïnterviewd hebt over jouw icoon. Met deze kennis in je achterhoofd ga je opzoek naar de beste foto's. Selecteer één van je beste foto's en klik op rechtermuisknop te klikken > Open With > Adobe Photoshop. Photoshop wordt opgestart en je foto wordt geopend. Nu ga je de foto voorbereiden.
Je foto moet aan de volgende technische eisen voldoen voor het opmaken van drukwerk:
- Color Mode: CMKY Color
- Resolution: 300ppi
Color mode: CMYK staat voor Cyan, Magenta, Yellow en Key (Black). Deze kleurmodus wordt voornamelijk gebruikt voor drukwerk en printwerk, zoals tijdschriften, posters en flyers. In CMYK worden kleuren gemaakt door verschillende percentages van deze vier kleuren te combineren. Het is vergelijkbaar met het mengen van verf. Controleer of zet je foto om via: Image > Mode > CMYK Color
PPI’s: Pixels Per Inch. Meestal krijg je beelden aangeleverd die ingesteld staan op 72 ppi. Deze hebben voldoende pixeldichtheid (scherpte) voor het web, maar niet voor print of drukwerk. Voor print is een pixeldichtheid van 150 ppi vereist en voor drukwerk is een pixeldichtheid van 300 ppi vereist. Jij weet of je ontwerp voor het web, print of drukwerk wordt ontworpen, afhankelijk daarvan wijzig je de pixeldichtheid via; Image > Image size. LET OP: Voordat je de ppi’s wijzigt moet je ‘Resample’ uitvinken.
Wanneer je de pixeldichtheid van 72 ppi naar 150 of 300 ppi verandert zal het formaat van de foto kleiner worden, waardoor de pixels dichter op elkaar komen te zitten. Met als resultaat dat je beeld voldoende scherp wordt.
Bovengenoemde stappen zijn nodig om een scherp beeld te krijgen op papier. Heel belangrijk om te weten: Voordat je beelden in InDesign plaatst, moet je dus eerst bovenstaande instructie opvolgen om je beelden om te zetten naar de juiste ppi’s.
Sla het document op als PR.2_IcoonFoto1_naam.psd
LET OP: Herhaal bovengenoemde stappen ook voor de andere foto's die je gaat gebruiken.
Template
Image > Mode > CMYK Color
Image Size
Je gaat jouw foto's nu bewerken. Aan de rechterkant vind je de Adjustment Layers.
Kies een Adjustment Layer.
Bijvoorbeeld: Hue/Saturation om de kleur intenser te maken. Of kies voor Brightness/Contrast om jouw foto helderder te maken en meer contrast te geven.
Experimenteer en kijk met welke Adjustment Layer opties je foto nog beter overkomt qua kleur, contrast etc.
Nu mag je jouw foto nog Retoucheren. Misschien staan er mensen op die je weg wilt halen, of ligt er afval op de grond? Hiervoor heeft Photoshop verschillende tools die kleine details kunnen verbeteren/aanpassen.
Spot Healing Brush Tool: Poets kleine oneffenheden weg. Een rimpel, puistje enz..
Healing Brush Tool: Gebruikt informatie uit een specifiek punt in de afbeelding om dingen te vervangen.
Patch Tool: Selecteer een gebied en sleep de selectie naar een gebied waarmee je het wilt vervangen. Je krijgt hiermee wel een zichtbaardere rand. Gebruik deze tool voor kleine onderdelen.
Remove Tool: is een slimme functie die helpt bij het snel en eenvoudig verwijderen van ongewenste objecten uit afbeeldingen met behulp van AI.
LET OP: Herhaal bovengenoemde stappen ook voor de andere foto's.
Adjustments
Je gaat jouw foto's nu nog verder bewerken door gebruik te maken van de "Neural Filters". Ga naar: Filter > Neural Filters... Er opent nu een scherm met allerlei filters.
Je kunt afhankelijk van je foto kiezen voor;
- PORTRAITS
- CREATIVE
- COLOR
- PHOTOGRAHY
- RESTORATION
Stel je kiest voor 'Landscape Mixer' dan moet je de filters nog even downloaden.
Stel je kiest voor 'Color Transfer' dan staan de presets al voor je klaar.
Let op" werk je op school? Dan moet je iedere les weer opnieuw de filters downloaden. Op je persoonlijke devices hoeft dit maar één keer.
Tip: Speel net zo lang met alle filters tot je een gewenst resultaat hebt en klik vervolgens op 'OK'.
LET OP: Herhaal bovengenoemde stappen ook voor de andere foto's die je gaat gebruiken.
Sla je document op als PR.2_icoonfoto1_naam_DEF.psd en als PR.2_icoonfoto1_naam_DEF.jpeg
Neural Filters
Tips/Bronnen
Wist je dat je ChatGPT kunt vragen om extra verduidelijking?
Ook vind je ontzettend veel video's op youtube en GLR Soft talk.
Evaluatie